Het dijkmagazijn bij Scharwoude werd in 1923 gebouwd als uitvalsbasis voor dijkwachters die de dijken rond de voormalige Zuiderzee bewaakten. Een eeuw later kreeg het een nieuwe functie als gastenverblijf en artist-in-residence, met aandacht voor water- en klimaatopgaven. Het is deel van een transformatieproject van drie van dergelijke bouwwerken langs dit historische dijksysteem. De in onbruik geraakte dijkmagazijnen zijn, door hun kenmerkende vorm, kleur en solitaire ligging, belangrijke bakens in het Noord-Hollandse landschap en collectieve geheugen; daarbij zijn het mooie voorbeelden van regionale utilitaire houtbouw. De kleine schaal en het feit dat de opdrachtgever tevens beheerder werd, gaven ruimte voor experiment en onderzoek naar hoe duurzaamheid, circulariteit en biobased materiaalgebruik te verenigen met herbestemming van cultureel erfgoed.
Vanuit een rationele en tegelijk poëtische benadering werd gewerkt aan behoud van de aangetroffen elementen en sferen. De karakteristieke donkere gevel werd geconserveerd, nieuwe ramen zijn achter de oorspronkelijke luiken geplaatst. De houten structuur met bijzondere paraplukolommen is zorgvuldig geïntegreerd in het nieuwe ontwerp. De nieuwe biobased binnenschil is losmaakbaar, citeert oorspronkelijke architectonische details en is gepatineerd met natuurlijke lijnzaadolie, verwijzend naar historische regionale kleurstellingen en de oorspronkelijke donkere atmosfeer. Met de lokale aannemer is integraal nagedacht over circulariteit en afvalbeperking. Vloeren zijn van verzaagd balkhout uit lokale sloop, de schouw is bekleed met marmerresten, los meubilair is gemaakt van resthout van de bouw zelf en een boom geveld door iepziekte.
In totaal werd 25.000 kg materiaal toegevoegd, maar doordat 93% biobased, circulair of ter plaatse hergebruikt is, bleef de CO₂-balans positief. Het karakteristieke donkere object blijft aanwezig als herinnering aan de fragiele relatie tussen het Hollandse landschap en het water.
